Je puber kan geweld zien, slachtoffer zijn of dader zijn. Dit kan lichamelijk of geestelijk zijn.
Hieronder vind je enkele voorbeelden van geweld:
- Oorlog: Pubers zien oorlog elke dag op de televisie. Toch staat het vaak ver van een puber af. Tenzij er een militair in de familie is.
- Overlast: Er wordt geen rekening gehouden met een ander. Voorbeelden: veel lawaai maken of troep maken op straat.
- Pesten: Iemand pesten die niet bij de groep hoort. Dit kan lichamelijk of geestelijk zijn. Macht speelt een grote rol. Meer informatie vind je op Pestweb.
- Negeren: Doen alsof je iemand niet ziet. Je kunt je dan heel eenzaam en ongelukkig voelen.
- Bedreigen: Iemand heel bang maken. Je voelt je dan erg onveilig. Voorbeelden: dreigen om je kind of gezin pijn te doen.
- Slaan en schoppen: Iemand lichamelijk pijn doen. Voorbeeld: vechten en mishandelen.
- Geweld op internet: Op internet zijn websites met plaatjes van geweld. Je puber kan ook worden gepest via internet. Dat heet cyberpesten.
- Vandalisme: Dingen kapot maken van andere mensen of organisaties. Pubers denken vaak dat dat niet zo erg is.
Meer informatie
Kijk op de website van Stichting Tegen Zinloos Geweld.